Elk mens denkt, heeft een mening en gevoelens. Om duidelijk te maken aan de lezer hoe een personage in elkaar zit, om aanschouwelijk te maken waarom het personage doet wat het doet, is het noodzakelijk om de lezer een blik te laten werpen op zijn meest intieme gedachten. Het weergeven van emoties, van denkpatronen en gezichtspunten is cruciaal voor het welslagen van je verhaal. Hier zijn een aantal technieken voor die elke schrijver in zijn repertoire moet hebben.
Directe rede
Directe rede is eigenlijk heel eenvoudig: het is de directe (letterlijke) weergave van wat een personage zegt of denkt. Het personage is dus aan het woord. De bekendste vorm hiervan is de dialoog, waarbij letterlijk wordt weergegeven wat er wordt gezegd. Zie hiervoor ook het hoofdstuk Dialoog. Maar ook gedachten kunnen in de directe rede staan – zie daarvoor de innerlijke monoloog.
Indirecte rede
De verteller geeft in zijn eigen woorden weer wat het personage denkt en zegt. Er wordt dus niets direct weergegeven, dat wil zeggen, letterlijk geschreven zoals het wordt gezegd.
“Toen ze hem vertelde dat het over was tussen hen beiden voelde hij zich alsof hij kon schreeuwen. Een golf van emotie welde in hem op en hij kon alleen maar stamelen dat hij haar niet geloofde.”
Innerlijke monoloog
Het voordeel van de indirecte rede is dat de schrijver kan samenvatten, uitweiden, zelf zijn woorden en uitdrukkingen kan kiezen en zelf bepaalt wat hij weergeeft en wat hij weglaat. Maar het kan zo zijn dat de schrijver de lezer wat meer direct wil betrekken bij de ervaringen van de lezer. In dit geval wordt vaak gebruik gemaakt van de innerlijke monoloog:
“Ze vertelde hem dat het uit was tussen hen beide. Hij kon zijn oren niet geloven. Dit kan niet waar zijn, dacht hij. Waarom overkomt mij dit nu? Gisteren zaten we nog buiten op de veranda, hield ze mijn hand vast.”
Hier krijgt het personage zelf het woord en kruipt de lezer in zijn hoofd: zijn gedachten staan dus in de directe rede. Je kunt zien dat dit een innerlijke monoloog (monologue intérieure) is en dat er nu een personage aan het woord is doordat de tijd verspringt van de verleden tijd naar de tegenwoordige tijd, door het signaalwoord “dacht hij” en de persoon verandert van hij naar ik/mij.
Soms is het signaalwoord afwezig en wordt de interne monoloog cursief gezet om de overgang aan te geven. Dit gebeurt vaak bij genreverhalen als de nadruk ligt op actie en er minder tijd is voor een uitgebreide monoloog of als de schrijver de afstand tussen lezer en personage nog wat verder wil verkleinen.
Vrije indirecte rede
De vrije indirecte rede is een kruising tussen de directe en de indirecte rede, waarbij de afstand tussen verteller en personage zo klein mogelijk gemaakt wordt – zo klein dat vaak niet meer duidelijk is wie van de twee nu eigenlijk aan het woord is. Dit is een geliefd middel bij schrijvers omdat het hen in staat stelt om ongemerkt over te schakelen naar de gedachten van het personage, waardoor de lezer op subtiele manieren beïnvloed kan worden door stemmingswisselingen en oordelen in het verhaal te verweven. Daarom wordt het ook wel de Erlebte Rede (“beleefde rede”) genoemd:
“Ze kokhalsde en kon ternauwernood voorkomen dat ze overgaf op haar schoenen. Nooit zou ze meer zoveel drinken, nooit meer! Het was onmogelijk om gevoel te onderdrukken met drank. Het werd er alleen maar erger van, intensiever, alsof het onder een microscoop werd gelegd en oneindig uitvergroot totdat het haar wezen leek te vullen. Zijn onbegrijpelijke bedrog stak als een mes in haar ziel. Morgen als ze wakker werd zou niet alleen haar hart, maar ook haar hoofd pijn doen.”
Het verschil met de innerlijke monoloog is duidelijk: de tekst blijft in de verleden tijd en verspringt niet naar de eerste persoon (“het leek haar wezen te vullen”). De verteller blijft hier dus aan het woord, maar toch worden ook de gedachten van het personage weergeven (“nooit zou ze meer zoveel drinken, nooit meer!”), wat duidelijk wordt door de herhaling van “nooit meer”, het gebruik van het geladen woord “onbegrijpelijke” en het gebruik van het uitroepteken, die beide emotie uitdrukken en het gebruik van “morgen”, die normaal gesproken niet gecombineerd kunnen worden met de verleden tijd.
Kenmerkend ook voor deze vorm is de aanwezigheid van tijdloze waarheden die normaal gesproken altijd in de tegenwoordige tijd staan: “Het is onmogelijk gevoel te onderdrukken met drank”. Het effect dat de schrijver hiermee bereikt is dat de lezer de gevoelens van het personages heel intens meebeleeft, terwijl hij de absolute controle blijft behouden over wat hij zegt en hoe. De vrije indirecte rede komt tegenwoordig veel voor bij korte verhalen, omdat de schrijver met een minimum aan woorden een maximaal effect kan bereiken.